Waarom kan je zelfvertrouwen veranderen tijdens de overgang?



Je vergeet vaker iets, reageert anders dan je gewend bent of voelt je minder prettig in je lichaam. Dingen die vroeger vanzelf gingen, kosten meer moeite. Dat kan invloed hebben op je zelfvertrouwen. Tijdens de overgang spelen daarbij vaak meerdere factoren mee.
Tijdens de overgang veranderen de hoeveelheden oestrogeen en progesteron in je lichaam. Deze hormonen spelen niet alleen een rol bij je menstruatiecyclus. Ze zijn ook betrokken bij processen die invloed hebben op je stemming, slaap en emoties.
Dat betekent niet dat minder oestrogeen automatisch zorgt voor minder zelfvertrouwen. Zo eenvoudig is het niet. Ook slecht slapen, opvliegers, stress en veranderingen in je leven kunnen invloed hebben op hoe je je voelt.
Misschien reageer je sneller emotioneel of merk je dat drukte eerder te veel wordt. Als je jezelf daarin niet goed herkent, kun je ook aan jezelf gaan twijfelen.
Je minder scherp voelen is niet hetzelfde als minder kunnen.
Je lichaam kan anders aanvoelen of eruitzien dan je gewend bent. Dat hoeft geen probleem te zijn. Toch kan het invloed hebben op hoe je naar jezelf kijkt.
Onderzoek laat zien dat vrouwen met meer of hevigere overgangsklachten vaker zorgen hebben over hun lichaamsbeeld. Dat betekent niet dat de overgang zelf automatisch zorgt voor een negatiever zelfbeeld. De samenhang is vooral gevonden bij overgangsklachten.
Dat kan extra lastig zijn als je jezelf blijft vergelijken met hoe je er een paar jaar geleden uitzag of met wat je lichaam toen kon.
Niet op een woord kunnen komen. Een afspraak vergeten. Of moeite hebben om je aandacht bij een gesprek te houden. Dit soort klachten, vaak brain fog of concentratieproblemen genoemd, kunnen tijdens de overgang voorkomen.
Dat kan verwarrend zijn als je altijd op je geheugen en concentratie kon vertrouwen. Zeker als je het merkt op je werk of thuis, bij dingen die vroeger vanzelf gingen. Gebeurt het vaker, dan kun je gaan twijfelen aan jezelf. Waarom lukt dit ineens niet meer zoals eerst?
Je kunt duidelijk merken dat je meer moeite hebt om op woorden te komen, iets te onthouden of je te concentreren. Dat komt niet altijd even sterk naar voren in cognitieve tests. Onderzoek laat zien dat wat vrouwen ervaren en wat zulke tests meten niet altijd één op één overeenkomt. Dat betekent niet dat de klachten er niet zijn. Je kunt in het dagelijks leven echt meer moeite hebben om op woorden te komen, je te concentreren of iets te onthouden, ook als een test geen grote achteruitgang laat zien.
De overgang kan samenvallen met andere veranderingen in je leven. In dezelfde jaren kunnen ook je werk, relaties of verantwoordelijkheden veranderen. Misschien worden kinderen zelfstandiger of hebben je ouders meer zorg nodig. Misschien merk je dat je zelf andere keuzes wilt maken.
Onderzoek laat zien dat vrouwen deze levensfase niet alleen ervaren als een periode van verandering en onzekerheid. Voor sommigen brengt deze fase ook groei en nieuwe inzichten. Je kunt dus merken dat je opnieuw nadenkt over vragen die lange tijd geen rol speelden. Wat wil ik? Wat past nog bij mij? Waar wil ik mijn energie aan besteden?
Zulke vragen kunnen je onzeker maken. Ze kunnen je ook helpen om keuzes te maken die beter passen bij waar je nu staat.
Als je merkt dat je minder vertrouwen hebt in jezelf, kan het helpen om eerst te kijken waar dat gevoel vandaan komt. Soms spelen klachten mee waar iets aan te doen is.
Probeer niet alleen tegen jezelf te zeggen dat je ‘onzekerder’ bent geworden. Kijk ook naar wat daaronder zit. Slaap je slecht? Heb je veel opvliegers? Ben je somber of snel overprikkeld? Of merk je vooral problemen met concentreren?
Als je weet waar je last van hebt, kun je gerichter kijken wat je nodig hebt. Hebben klachten veel invloed op je dagelijks leven? Bespreek ze dan met een arts. Via SeeMe-nopause kan een arts beoordelen welke klachten mogelijk met de overgang samenhangen.
Bewegen ondersteunt je lichamelijke en mentale gezondheid. Krachttraining kan helpen om je spierkracht en lichamelijk functioneren te behouden of te verbeteren.
Krachttraining is geen behandeling voor weinig zelfvertrouwen. Wel kan het helpen om te ervaren wat je lichaam nog allemaal kan, juist wanneer het verandert.
Misschien lukte het vroeger prima om tien dingen tegelijk te doen. Kost dat nu meer energie? Probeer jezelf dan niet steeds te vergelijken met wat vroeger vanzelf ging.
Een andere planning, meer rust of minder tegelijk doen betekent niet dat je minder kunt. Soms betekent het vooral dat je rekening houdt met wat je op dit moment nodig hebt.
Als je jezelf minder goed herkent, is het logisch dat je aan jezelf kunt gaan twijfelen. Probeer dan niet alleen te denken: ‘Waarom ben ik niet meer zoals vroeger?’ Kijk ook naar wat er veranderd is en wat je nu nodig hebt. Soms zit meer vertrouwen niet in teruggaan naar hoe het was, maar in ontdekken wat nu bij je past.
Vul een online medische vragenlijst in en ontvang een persoonlijk behandelplan van een arts, afgestemd op jouw situatie, voorkeur en gezondheid.