Insulineresistentie

Merk je dat je energiedips hebt, vooral later op de dag? Lijkt afvallen lastiger te gaan, vooral rond je buik? Of heb je vaker trek in zoet na een maaltijd? Tijdens de overgang krijgen veel vrouwen te maken met insulineresistentie: je lichaamscellen reageren dan minder goed op insuline.

Woman with grey-streaked hair in a cream open-knit cardigan sitting in a softly lit kitchen.

In het kort

  • Insulineresistentie geeft vaak weinig duidelijke klachten en kan daardoor lange tijd onopgemerkt blijven.
  • Tijdens de overgang neemt de gevoeligheid voor insuline af, onder andere door dalende oestrogeenspiegels en veranderingen in spiermassa en vetverdeling.
  • Mogelijke signalen zijn energiedips, meer trek in zoet, moeite met afvallen (vooral rond de buik) en een trillerig gevoel bij het overslaan van maaltijden.
  • Insulineresistentie kan op de lange termijn het risico op diabetes type 2 en hart- en vaatziekten vergroten.
  • Met aanpassingen in voeding en leefstijl kun je je insulinegevoeligheid vaak ondersteunen en verbeteren.
Ik dacht altijd dat mijn energiedips en trek in zoet er gewoon bij hoorden tijdens de overgang.
Karin49 jaar

Wat gebeurt er in je lichaam?

Om te begrijpen wat insulineresistentie is, helpt het om eerst te kijken naar insuline. Zodra je hebt gegeten, maakt je alvleesklier het hormoon insuline aan. Insuline zorgt ervoor dat glucose (suiker) uit je bloed je cellen binnenkomt, waar het wordt gebruikt als energie.

Bij insulineresistentie reageren je cellen minder goed op insuline. Je lichaam compenseert dit door extra insuline aan te maken om toch glucose in de cellen te krijgen. Hierdoor stijgen je insulinespiegels én kan je bloedsuiker omhoog gaan. Dit wordt ook wel het voorstadium van diabetes type 2 genoemd.

Tijdens de overgang verandert dit proces. Dalende oestrogeenspiegels beïnvloeden de stofwisseling en maken je cellen minder gevoelig voor insuline. Ook neemt de spiermassa vaak iets af en kan buikvet toenemen. Beide factoren die je insulinegevoeligheid verlagen. Onderzoek laat zien dat vrouwen in de pre- en perimenopauze zelfs een iets hoger risico op diabetes type 2 hebben dan in de postmenopauzale fase.

Vrouwen merken dit soms aan subtiele, maar herkenbare signalen: energiedips, meer trek in zoet, moeite met afvallen (vooral rond de buik) of een trillerig gevoel als je een maaltijd overslaat. Soms zie je ook donkere verkleuringen in huidplooien of kleine steelwratjes rond de nek, al komt dit minder vaak voor.

Soms merk je insulineresistentie niet direct. Alleen met bloedonderzoek kan worden vastgesteld of er sprake is van prediabetes of diabetes.

Woman with short blonde curls in a beige knit cardigan sitting indoors in soft even light.

Andere oorzaken

De overgang speelt een duidelijke rol, maar insulineresistentie ontstaat meestal door een combinatie van factoren. Denk aan:

  • overgewicht, vooral rondom de buik
  • weinig beweging of lang zitten
  • een voedingspatroon met veel snelle koolhydraten en suikers
  • veel eetmomenten op een dag
  • chronische stress of slechte slaap
  • erfelijke aanleg (familiegeschiedenis van diabetes type 2)
  • bepaalde aandoeningen (bijv. PCOS)
  • sommige medicaties, zoals corticosteroïden of bepaalde antipsychotica

Buikvet is daarbij niet alleen opslagplaats van energie; het kan ontstekingsstoffen afgeven die de insulinegevoeligheid verlagen. Zo ontstaat een vicieuze cirkel: meer buikvet maakt je cellen ongevoeliger voor insuline, waardoor je lichaam nóg meer insuline aanmaakt, en hoge insulinespiegels zorgen weer voor extra vetopslag.

Persoonlijke menopauzezorg, begeleid door artsen

Een persoonlijk productadvies voor je overgangsklachten

Welke behandeling kan helpen?

Insulineresistentie is een veelvoorkomende klacht tijdens de overgang. Je kunt de gevoeligheid voor insuline niet altijd volledig herstellen, maar er zijn wel manieren om je lichaam te ondersteunen en je bloedsuiker stabieler te houden. Met aanpassingen in voeding, beweging en leefstijl kun je vaak al verschil merken.

Voeding en leefstijl: de basis op orde

Veranderingen in de hormoonhuishouding kunnen invloed hebben op onder meer je energieniveau, slaap, spijsvertering en stofwisseling. Gezonde voeding, voldoende beweging en rust helpen om klachten te voorkomen of verlichten. Kleine aanpassingen kunnen al verschil maken in hoe je je voelt.

Gebruik je medicijnen of supplementen? Dan ondersteunt een gezonde leefstijl je lichaam bij de opname van voedingsstoffen en het verwerken van medicijnen. Dat komt de werking van supplementen en medicatie ten goede. Wat deskundigen adviseren bij insulineresistentie:

Voeding die helpt

  • eet vooral groenten, en met name groene bladgroenten en kruisbloemigen (zoals broccoli, boerenkool, bloemkool)
  • kies voor volkorenproducten, peulvruchten, noten en zaden
  • voeg voldoende eiwitten toe (zoals peulvruchten, tofu, eieren, vis)
  • gebruik gezonde vetten, zoals olijfolie, avocado of noten
  • kies vaker voor langzame koolhydraten (zoals havermout, zoete aardappel, quinoa)
  • gebruik gefermenteerde voeding zoals zuurkool, kefir of augurken
  • vermijd suikerrijke dranken, frisdrank en vruchtensappen (“drink geen calorieën”)
  • beperk witmeelproducten en sterk bewerkte voeding

Eetmomenten

De hele dag door snacken geeft voortdurend kleine pieken in je bloedsuiker en insuline. Daarnaast moeten je darmen en spijsvertering steeds opnieuw aan het werk, wat extra energie kost. Veel vrouwen merken dat het helpt om vaste maaltijden te plannen en het aantal eetmomenten te beperken.

Tijdgebonden eten

Sommige vrouwen ervaren baat bij tijdgebonden eten (zoals 12:12 of 14:10). Onderzoek laat zien dat dit de bloedsuiker en insulinegevoeligheid kan verbeteren, al werkt het niet voor iedereen. Luister goed naar je lichaam, zeker in de overgang.

Beweging

Beweging maakt je cellen gevoeliger voor insuline. Denk aan:

  • dagelijks wandelen, fietsen of traplopen
  • 2–3 keer per week training van grote spiergroepen (krachttraining, pilates, stevige yoga)
  • licht intensieve beweging na een maaltijd
  • korte intervaltraining in de ochtend kan bij sommige vrouwen helpen de bloedsuiker stabiel te houden

Stress en slaap

Langdurige stress en slechte slaap beïnvloeden de hormonen die je bloedsuiker reguleren. Het kan helpen om dagelijks tijd te nemen voor ontspanning. Denk aan ademhalingsoefeningen, meditatie, yoga of een rustige avondroutine. Voldoende slapen (7–8 uur) ondersteunt de insulinegevoeligheid.

Supplementen

Tijdens de overgang verandert onder andere de manier waarop je lichaam energie aanmaakt, spieren opbouwt en de huid herstelt. Je kunt deze processen op een natuurlijke manier ondersteunen met hoogwaardige supplementen. Magnesium, vitamine D en omega-3 zijn aan te raden voor elke vrouw in de overgang. Supplementen kunnen zich ook op specifieke klachten richten zoals opvliegers, slecht slapen en insulineresistentie.

De werking van supplementen kan per persoon verschillen. Dat hangt onder andere af van je leefstijl en je gezondheid. Ook de kwaliteit van het product bepaalt hoe goed het werkt. Kies daarom voor hoogwaardige supplementen, zonder onnodige vulstoffen.

Persoonlijke menopauzezorg, begeleid door artsen

Verlicht je overgangsklachten

Vul een online medische vragenlijst in en ontvang een persoonlijk productadvies van een arts, afgestemd op jouw situatie, voorkeur en gezondheid.  

Of

Leer je overgangsklachten begrijpen en ontdek wat je kunt doen

FAQ

Wat is het verschil tussen insulineresistentie en diabetes type 2?
Wat zijn de gevolgen van een insulineresistentie?
Hoe meet ik mijn bloedsuikerspiegel?