Oestrogeen speelt een belangrijke rol bij het reguleren van je lichaamstemperatuur. Zodra in de overgang de hoeveelheid oestrogeen daalt, kan dit het interne systeem ontregelen. Je hersenen kunnen door de schommelingen een seintje krijgen dat je het te warm hebt. Ook als dat helemaal niet het geval is. Een intense afkoelreactie wordt in gang gezet; je bloedvaten zetten uit en je gaat flink transpireren.
In principe vindt in je lijf hetzelfde proces plaats als bij een opvlieger. Als dat ‘s nachts gebeurt, noemen we dat nachtzweten of een nachtelijke opvlieger. Je krijgt het warm en begint te zweten in je slaap. Het kan je nachtrust dus flink verstoren. En dat kan weer effect hebben op hoe je je overdag voelt. Je hebt misschien sneller last van stemmingswisselingen of bent minder stressbestendig. Gelukkig kun je er iets aan doen.
80 procent van de vrouwen in de overgang krijgt te maken met nachtelijk zweten, met name in de perimenopauze als de hormoonschommelingen het hevigst zijn. De één heeft meer en vaker last van de klachten dan de ander. Hoe verder je in de postmenopauze komt, hoe minder je last hebt van je klachten.
Veel vrouwen ervaren meerdere klachten tijdens de overgang. Zo merken veel vrouwen dat ze aankomen of een buikje krijgen, dat de menstruatie heviger wordt of krijgen ze last van hun gewrichten.