Vanaf mijn elfde stond ik al op het hockeyveld. Hockey was mijn grootste passie en is dat eigenlijk nog steeds.
Inhoudsopgave
Floor (50) speelt al hockey sinds haar elfde. Eerst met een te grote stick en scheenbeschermers die steeds afzakten, later als puber die steeds fanatieker ging trainen. Uiteindelijk speelde ze zelfs een tijd in de Hoofdklasse. Hockey was niet iets wat ze erbij deed. Het hoorde bij wie ze was.
Een lichaam dat altijd voorspelbaar voelde
Haar lichaam kende ze als sterk, betrouwbaar en voorspelbaar. Ook na haar periode in de Hoofdklasse bleef hockey een vaste plek in haar leven houden. Niet meer op datzelfde niveau, maar nog altijd serieus en fanatiek, met trainingen, wedstrijden en een teamritme dat haar weken mede bepaalde. Na een zware wedstrijd wist ze precies wat er zou komen: een dag later stijve bovenbenen, de tweede dag iets erger en daarna trok het weg. Tot dat patroon rond haar achtenveertigste begon te veranderen.
“Spierpijn hoorde er gewoon bij. Sterker nog, ik kende het bijna als een soort systeem in mijn lijf. Een zware wedstrijd, een paar dagen stramme benen, goed herstellen en weer door.”
Juist dat gaf haar houvast. Ze wist wat normale spierpijn was. Ze wist wanneer ze rust nodig had en wanneer ze weer kon opbouwen. Haar lichaam reageerde op een manier die ze begreep.
Spierpijn zonder duidelijke aanleiding
Rond haar achtenveertigste merkte Floor dat spierpijn vaker terugkwam. Niet alleen na een zware training of intensieve wedstrijd, maar ook op momenten waarop ze eigenlijk niets bijzonders had gedaan.
“Soms kwam het gewoon na een normale werkdag. Of zelfs in een rustige week. Dan dacht ik: waar komt dit nou vandaan?”
In het begin zocht ze verklaringen die pasten bij haar oude sportlogica. Misschien had ze verkeerd bewogen. Misschien had ze slechter geslapen. Misschien zat ze even minder goed in haar ritme. “Dat soort verklaringen pasten bij hoe ik mezelf kende. Ik was iemand die haar lichaam begreep en kon bijsturen.”
Maar dit liet zich niet meer zo makkelijk verklaren. De spierpijn voelde minder gekoppeld aan inspanning, minder voorspelbaar en daardoor ook minder vertrouwd.
.
Ik ben gewend om mijn lichaam te begrijpen vanuit belasting en herstel. Dat is altijd mijn taal geweest.
Wakker worden met stijfheid die er al was
Als Floor terugdenkt aan het begin van die verandering, herinnert ze zich vooral één ochtend. Ze werd wakker en voelde meteen dat haar lichaam anders aanvoelde. “Het was niet echt pijn. Meer een diepe stijfheid die er al was voordat ik überhaupt iets had gedaan.”
Toen ze uit bed stapte, voelde ze het direct in haar benen. Ze waren zwaarder en stroever dan normaal. Niet zoals de bekende spierpijn na sport, maar iets wat ze niet goed kon plaatsen. “Ik dacht eerst nog: misschien heb ik gewoon slecht gelegen. Dat gebeurt iedereen weleens.” Het bleef die dag hangen. Op haar werk merkte ze dat ze sneller geïrriteerd was dan normaal. Een overleg dat te lang duurde. Mensen die niet direct to the point kwamen. Kleine dingen kwamen harder binnen.
Tegelijk voelde haar lichaam nadrukkelijk aanwezig. Haar schouders zaten vast. Haar benen voelden zwaar, alsof ze al inspanning had geleverd zonder dat ze iets had gedaan. “Dat was compleet nieuw voor mij. Er zat geen duidelijke oorzaak achter, maar ik voelde het wel de hele tijd.”
Toch doorgaan, tot het niet meer ging
Floor ging door zoals ze altijd had gedaan. Werken, trainen, hockeyen en weer verder. Het veld voelde nog steeds vertrouwd, bijna als een tweede thuis. “De warming-up ging nog wel. Maar ik merkte dat mijn spieren anders reageerden. Minder soepel. Minder snel herstellend tussen inspanningen door.”
Na trainingen bleef het gevoel langer hangen. Niet de bekende spierpijn die ze als sporter zo goed kende, maar een algehele vermoeidheid in haar spieren die niet echt wegging.
Toen kwam er een moment dat ze het niet meer kon negeren. “Tijdens een beweging op het veld voelde ik ineens een felle pijn in mijn onderbeen. Ik was niet gevallen en had ook geen rare actie gedaan die ik kon aanwijzen. Gewoon een stap, een afzet en ineens was het raak.”
Later bleek dat haar achillespees was gescheurd. “Ik had nog nooit zoiets pijnlijks meegemaakt. Dat was echt een point of no return.”
Niet omdat die ene blessure alles verklaarde, maar omdat ze daarna niet meer om het grotere patroon heen kon. Haar herstel ging trager dan ze gewend was, en de spierpijn die al maanden op de achtergrond speelde, kreeg ineens meer betekenis.
Het was niet één blessure. Het was niet één slechte week. Het was iets dat al langer gaande was.
De overgang ging voor haar niet over spieren
Tijdens haar revalidatie had Floor tijd om stil te staan bij wat er gebeurde. Langzaam zag ze een patroon: spierpijn die ze niet meer kon voorspellen, trager herstel en het gevoel dat haar lichaam soms al ‘vol’ zat zonder duidelijke reden.
Daar kwamen ook andere vage klachten bij. Dingen die ze eerst los van elkaar had gezien, begonnen meer samen te hangen. En steeds vaker kwam daar één woord bij: overgang. “Ik dacht eerst: dat zal toch niet? Ik voelde me nog jong. Vooral té jong voor de overgang.”
Door verhalen in de media, podcasts en gesprekken met andere vrouwen ging ze er meer over lezen. In haar hoofd ging de overgang vooral over opvliegers en slechter slapen. “Niet over hoe je spieren herstellen. Of hoe je pezen reageren op belasting.”
Toen ze erover sprak met haar huisarts en fysiotherapeut, begon er iets te verschuiven. Ze leerde dat hormonale veranderingen, waaronder veranderingen in oestrogeen, kunnen samenhangen met spierherstel, bindweefsel en belastbaarheid. Dat betekende niet dat alles ineens simpel verklaard was. Haar achillespees, haar sportbelasting, de fase waarin ze zat en haar herstel speelden allemaal mee. Maar het gaf wel richting.
“Het was confronterend, maar ook verhelderend. Ineens vielen er stukjes op hun plek.”
Anders trainen, zonder hockey kwijt te raken
Floor stopte gelukkig niet met hockeyen. Wel begon ze haar training anders in te richten. Niet meer alleen op kracht, intensiteit en doorgaan, maar ook op herstel. “Ik moest rust serieuzer nemen. Vroeger onderschatte ik dat eigenlijk.”
Ze ging krachttraining bewuster gebruiken om haar lichaam te ondersteunen. Ook ging ze beter letten op slaap en voeding. “Ik was altijd al bewust bezig met voeding, zeker omdat ik zoveel sport. Maar ik ben nu ook mijn eiwitten gaan bijhouden met een app.”
Dat vond ze nog best een uitdaging. Daarnaast begon ze supplementen te gebruiken, waaronder magnesium en omega 3. “Ik vond supplementen vroeger eigenlijk maar onzin. Nooit gedacht dat ik dat zelf zou gaan doen. Maar ik ben 180 graden gedraaid. Voor mij zijn het echt hulpbronnen geworden.”
Niet omdat één ding alles oploste, maar omdat het geheel haar hielp: anders trainen, beter herstellen, meer aandacht voor voeding en beter luisteren naar signalen.
Ik ben nog steeds die fanatieke hockeyster. Dat zit diep in mij. Nu lees ik mijn lichaam anders.
Spierpijn in de overgang serieus nemen
Voor Floor was het belangrijk om te begrijpen dat spierpijn, stijfheid en trager herstel niet automatisch betekenen dat je “gewoon ouder wordt” of harder moet trainen. Tegelijk vindt ze het belangrijk om klachten serieus te laten bekijken. “Je moet niet alles zomaar op de overgang gooien. Maar je hoeft ook niet te doen alsof er niets verandert.”
Bij aanhoudende spierpijn, peesklachten, blessures of duidelijk veranderd herstel is het verstandig om met een arts, fysiotherapeut of andere behandelaar te bespreken wat er speelt. Zeker als klachten je sport, werk of dagelijks leven beïnvloeden.
Wat Floor andere vrouwen wil meegeven, is dat je jezelf serieus mag nemen als je lichaam ineens anders reageert dan je gewend bent. “Vooral als je altijd sportief bent geweest, kun je snel denken: even doorzetten. Maar soms vraagt je lichaam om een andere aanpak. Niet omdat je minder bent geworden, maar omdat er iets verandert.”
Floor is nog steeds hockeyster. Nog steeds fanatiek. Alleen leest ze haar lichaam nu anders, met meer aandacht voor herstel, kracht, voeding en rust. “Met mijn hulpbronnen doe ik nog steeds in het leven waar ik blij van word. Dat is voor mij het belangrijkste.”
Vraag je je af of jouw klachten met de overgang te maken kunnen hebben? De menopauzetest kan je een eerste inzicht geven.



