Gepubliceerd op 
Laatste wijziging 

Uit de praktijk van Suzanne: Janna en haar slapeloze nachten in de overgang

Leestijd: ca. 7 minuten
Gepubliceerd op 
Laatste wijziging 
Woman with shoulder-length blonde hair wearing a navy blouse and hoop earrings, smiling indoors with a blurred plant in the background
Auteur:Suzanne Rouhard
ehealth_A_woman_around_50_years_old_in_her_bedroom_during_a_q_d162f789-f485-48a0-9b3f-b1bb27425a93_1 (1)

Inhoudsopgave

Als hormoontherapeut spreekt Suzanne dagelijks vrouwen die merken dat de overgang steeds meer invloed heeft op hun slaap, stemming, energie en dagelijks functioneren. In deze rubriek deelt ze geanonimiseerde verhalen uit de praktijk om herkenning te bieden, te laten zien welke factoren een rol kunnen spelen en vrouwen praktische aanknopingspunten te geven om zelf verder te kijken.

Het verhaal van Janna over slecht slapen

Janna vertelde dat ze de klok bijna niet meer durfde te checken als ze ’s nachts wakker werd. Het was namelijk bijna altijd hetzelfde tijdstip. Rond drie uur gingen haar ogen open en daarna begon het wachten op de ochtend. Ze zat tegenover me en probeerde het luchtig te brengen. Dat lukte niet echt. “Ik word gewoon elke nacht wakker rond drie uur. En dan ben ik klaarwakker.”

Niet een beetje slaperig, zo’n moment waarop je je omdraait en weer wegzakt. Ze voelde zich helder en alert. Alsof de nacht voor haar op dat moment voorbij was. Mensen vroegen haar regelmatig of ze dan lag te piekeren. Daar moest ze eerlijk gezegd wel ja op antwoorden. Er was altijd iets om over na te denken: de kinderen, haar werk, iets wat nog geregeld moest worden. Alleen was dat niet nieuw. Janna was naar eigen zeggen altijd al “een echte denker” geweest. Vroeger werd ze daar alleen niet midden in de nacht wakker van.

Eerst dacht ze dat het tijdelijk was. Een drukke periode, wat meer stress of gewoon pech. De gebroken nachten bleven terugkomen. Ze probeerde van alles: valeriaan, een warme douche, wel iets eten voor de nacht, juist niet eten en melatonine. Soms leek het even beter te gaan. Daarna zat ze weer rechtop in bed.

Ook overdag begon ze het te merken. Ze functioneerde nog. Alles kostte alleen meer moeite. Haar concentratie viel sneller weg, prikkels kwamen harder binnen en de vermoeidheid leek niet echt meer te verdwijnen, hoe vroeg ze ook naar bed ging. En er was nog iets waar ze zich bijna voor schaamde.

“Mijn man snurkt heel erg en ik irriteer me dan aan het feit dat hij zo lekker en makkelijk slaapt. Erg hè?”

Juist omdat Janna altijd goed had geslapen, begreep ze niet waarom het ineens zo anders was.

Wat kon meespelen bij Janna’s slaapproblemen?

Wat me bij Janna opviel, was dat het inmiddels niet meer alleen om de gebroken nachten ging. Ook de verwachting dat ze opnieuw wakker zou worden, was een rol gaan spelen. Naar bed gaan voelde niet meer vanzelfsprekend ontspannen. Er zat steeds een gedachte onder: straks ben ik weer wakker. En zodra ze wakker lag, kregen haar gedachten alle ruimte.

Hormonale veranderingen tijdens de overgang kunnen invloed hebben op je slaap. Je kunt bijvoorbeeld lichter slapen, vaker wakker worden of moeilijker opnieuw inslapen. Dat betekent niet dat ieder slaapprobleem automatisch door de overgang komt.

Bij Janna keken we daarom ook naar haar dagelijkse belasting, het piekeren en de spanning die inmiddels rondom het slapen was ontstaan. Vooral de combinatie viel op: ze werd wakker, was meteen alert en haar gedachten begonnen te lopen. Tegelijk ging ze steeds vaker naar bed met de verwachting dat het opnieuw zou gebeuren.

Bij Janna keek ik niet alleen naar het tijdstip waarop ze wakker werd, maar ook naar wat er vóór het slapen en ná het wakker worden gebeurde.
Suzanne Rouhard

Wat paste Janna aan om haar slaap te verbeteren?

We begonnen met haar slaap-waakritme. Janna ging ’s ochtends eerder naar buiten voor daglicht en probeerde iedere dag rond dezelfde tijd naar bed te gaan en op te staan. ’s Avonds beperkte ze fel licht van schermen. Geen grote ingrepen, wel veranderingen die ze dagelijks kon volhouden.

Daarnaast oefende ze overdag met rustig ademen. Niet pas wanneer ze om drie uur wakker lag en wanhopig weer in slaap wilde vallen, maar juist op momenten waarop er niets aan de hand was. Zo bouwde ze overdag bewust rustmomenten in en werd ontspanning minder iets wat alleen moest lukken zodra de nacht misging.

Ook haar voeding namen we mee. We keken naar een eetpatroon dat haar bloedsuikerspiegel gedurende de dag zo stabiel mogelijk hield. Niet omdat voeding dé verklaring was voor haar gebroken nachten, maar omdat ik bij slaapproblemen graag breder kijk naar factoren die invloed kunnen hebben op energie, spanning en herstel.

Daarnaast adviseerde ik Janna magnesium en ashwagandha, afgestemd op haar situatie. Ashwagandha werd in haar begeleiding ingezet als ondersteuning bij stress en slaap. Magnesium was eveneens onderdeel van de aanpak rond ontspanning en slaap. Bij supplementen kijk ik altijd naar de persoonlijke situatie, waaronder gezondheid, medicijngebruik en mogelijke interacties.

Voor Janna betekende dit vooral dat we stopten met zoeken naar dat ene middel dat haar nachten moest oplossen. We keken naar het patroon eromheen en kozen verschillende veranderingen die samen bij haar situatie pasten.

Wat veranderde er in Janna’s slaap en dagelijks functioneren?

Toen ik Janna ongeveer acht weken later weer sprak, kwam ze enthousiast binnen. Ze had de adviezen serieus opgepakt, van haar slaapritme en ademhalingsoefeningen tot de veranderingen in voeding en de supplementen. Ze wilde zo graag uit het patroon komen. Niet alles veranderde meteen.

Eerst merkte ze dat ze na het wakker worden soms makkelijker opnieuw in slaap viel. Daarna kwamen er nachten waarin ze langer doorsliep. Een andere keer werd ze nog wel wakker, maar lag ze minder lang op de ochtend te wachten. Ook waren er steeds vaker ochtenden waarop ze zich minder uitgeput voelde.

Uiteindelijk zaten er zelfs nachten tussen waarin ze helemaal doorsliep. We kunnen achteraf niet zeggen dat één aanpassing daarvoor verantwoordelijk was. Janna veranderde verschillende dingen tegelijk en slaap wordt door meerdere factoren beïnvloed.

Wat haar zelf vooral opviel, was dat de nacht minder beladen voelde. Ze ging niet meer met dezelfde spanning naar bed. En als ze wakker werd, raakte ze minder snel verstrikt in de gedachte dat de rest van de nacht verloren was.

Ook overdag merkte ze verschil. Ze voelde zich minder opgejaagd en de vermoeidheid drukte minder zwaar op haar dagen. Het wakker worden was niet van de ene op de andere dag verdwenen. Het vaste patroon waar haar nachten én dagen steeds meer omheen waren gaan draaien, verloor langzaam zijn grip.

Wat kun je uit haar verhaal meenemen?

Wat ik uit Janna’s verhaal vooral wil meegeven, is dat je bij slecht slapen niet alleen hoeft te kijken naar de uren die je in bed ligt. Ook wat vóór, tijdens en na het slapen gebeurt, kan informatie geven.

Word je regelmatig wakker? Houd dan een paar dagen bij wanneer dat gebeurt en wat je merkt. Ben je meteen klaarwakker? Begin je te piekeren? Zijn de nachten anders na drukke dagen? En ga je ongeveer rond dezelfde tijd naar bed en sta je rond dezelfde tijd op? Zo’n klein overzicht kan helpen om patronen te herkennen.

Houden de slaapproblemen aan of merk je steeds sterker wat ze overdag met je doen, laat dan verder kijken wat er kan spelen. De overgang kan veel invloed hebben op je slaap. Dat betekent niet dat alles wat je merkt er automatisch bij hoort.

Wat bij Janna passend was, hoeft voor een andere vrouw niet dezelfde aanpak te zijn.

Wat kan SeeMe-nopause betekenen bij slecht slapen?

Slecht slapen kan samenhangen met de overgang. Ook stress, medicatie, slaapgewoontes en andere lichamelijke oorzaken kunnen een rol spelen. Zeker wanneer slaapproblemen nieuw zijn, lang aanhouden of je dagelijks functioneren beïnvloeden, is het verstandig om niet te snel van één verklaring uit te gaan.

Op SeeMe-nopause lees je meer over slecht slapen in de overgang en over veranderingen in leefstijl die je zelf kunt proberen. Heb je daarnaast andere klachten, dan kan het helpen om die in samenhang te bekijken.

Een intake via SeeMe-nopause kan helpen om je situatie beter in beeld te brengen en te bepalen welke vervolgstap bij je past.

Persoonlijke menopauzezorg, begeleid door artsen

Vul een online medische vragenlijst in en ontvang een persoonlijk behandelplan van een arts, afgestemd op jouw situatie, voorkeur en gezondheid.

Of

Bronnen en medische context

Dit artikel is gebaseerd op praktijkervaringen van een specialist. Om de privacy van de patiënt te beschermen, zijn de naam en herkenbare details aangepast. De informatie in dit artikel is bedoeld ter educatie en vervangt geen persoonlijk medisch advies.