Ik was jarenlang gewend om door te gaan. Nu moest ik leren om eerder te stoppen.
Inhoudsopgave
Maura (48) is getrouwd en horecaondernemer. Ze is iemand die van nature kijkt naar wat wél kan. Niet omdat alles altijd makkelijk is, maar omdat die houding haar al vaak heeft geholpen. Toch had ze nooit gedacht dat ze die juist in deze levensfase zo hard nodig zou hebben.
Eerst sliep ze wat slechter. Ze was overdag vaker moe. Maar als ondernemer sta je bijna altijd aan. Een vrije dag? Soms wist Maura niet eens meer wat dat was. Daarom dacht ze niet meteen aan de overgang. Tot haar lichaam steeds duidelijker signalen begon te geven.
Slechter slapen, opvliegers en steeds minder energie
In het begin schoof Maura haar klachten voor zich uit. Slecht slapen, vermoeidheid overdag, minder energie. Het hoorde er vast gewoon even bij, dacht ze. “Als je een eigen zaak hebt, ben je gewend om door te gaan, desnoods zeven dagen per week. Er is altijd iets wat nog moet.”
Maar het bleef niet bij moe zijn. Ze lag midden in de nacht wakker, kreeg opvliegers op de meest onhandige momenten en merkte dat haar energie steeds verder afnam. “Dat was wennen. Ik herkende mezelf niet altijd meer in hoe weinig ik aankon.”
Er waren momenten waarop ze dacht: “moet ik me hier nu echt doorheen worstelen?” Toch voelde ze ook ergens dat ze op twee manieren naar de situatie kon kijken. Ze kon blijven kijken naar alles wat niet meer ging zoals vroeger. Of ze kon onderzoeken wat deze fase haar misschien ook wilde laten zien. Die keuze maakte voor haar het verschil.
Niet blijven doorgaan, maar beter luisteren
In het begin probeerde Maura haar klachten vooral op te lossen. Minder moe worden. Beter slapen. De opvliegers onder controle krijgen. “Ik wilde het fixen, zoals ik dat met veel dingen doe.” Maar hoe harder ze haar best deed, hoe meer energie het kostte.
Tot ze zichzelf een andere vraag stelde. Wat als haar lichaam niet lastig deed, maar haar iets probeerde te vertellen?
Vanaf dat moment veranderde er iets. Vermoeidheid werd niet meer iets dat zo snel mogelijk weg moest. Het werd een signaal. Dit hielp haar om langzaam haar grenzen beter te herkennen. En in plaats van daar telkens overheen te stappen, besloot ze ernaar te luisteren.
Ruimte maken voor rust
Maura ging eerder naar bed. Ze nam rust zonder zichzelf daar meteen om te veroordelen. Het was en is oké om een keer minder af te spreken met vriendinnen. Ze probeerde ook haar grenzen in haar werk te leren kennen en aangeven. “Rust nemen terwijl je hoofd nog zegt dat er van alles moet gebeuren, dat vond ik echt lastig.”
Het moeilijkste vond ze om taken binnen haar bedrijf over te dragen. Ze nam een manager aan die haar kon ontlasten. “Een paar jaar geleden kwam dit niet eens in me op. Maar ik voelde aan alles: dit moet ik doen voor mijn gezondheid.”
Het was onwennig. Tegelijkertijd voelde het kloppend. En wat bleek? Ze kreeg er respect voor terug. Mensen spraken uit dat ze bewondering hadden voor de keuzes die ze maakte. Dat hielp, zeker op momenten dat ze twijfelde.
De schaamte voor haar klachten ging eraf
De opvliegers zijn er nog steeds. De nachten zijn soms ook nog onrustig. Maar Maura gaat er anders mee om. “Ik schaam me er niet meer voor. Soms zeg ik gewoon: even een opvlieger, gaat zo weer over.”
Daarmee verdween een deel van de lading. Ze merkte dat hoe minder ze zich verzette, hoe minder zwaar het voelde. Dat gold ook voor haar emoties. Soms was ze sneller geraakt. Soms sneller geïrriteerd. Waar ze dat vroeger misschien wegduwde, probeert ze nu nieuwsgierig te zijn.
Ik probeerde mijn emoties te herkennen. Waar komen ze vandaan, wat voel ik precies? En wat heb ik nodig?
Van doorgaan naar bewust kiezen
Voor Maura werd de overgang geen vijand. Eerder een keerpunt. Ze zag hoe lang ze eigenlijk had doorgegaan. Hoe vaak ze aan stond. Hoe weinig ruimte er was om echt stil te staan bij wat ze zelf nodig had.
Natuurlijk zijn er dagen waarop ze er genoeg van heeft. Nachten waarin ze wakker ligt en denkt: moet dit nou? Dagen waarop haar energie ver te zoeken is. Maar zelfs dan merkt ze dat haar houding verschil maakt.
“Ik hoef er niet tegen te vechten. Ik kan ook kijken: wat heb ik vandaag nodig?”
Soms is dat rust. Soms beweging. Soms even niets. Die ruimte voelt voor Maura nieuw. Ze is minder bezig met verwachtingen van anderen en meer met wat voor haar klopt.
Mijn positieve instelling helpt me. Niet omdat ik alles mooi maak, maar omdat ik kies waar ik mijn aandacht op richt.
Hoe gaat het nu met Maura?
De klachten zijn niet weg. Dat is de realiteit. Maar ze bepalen niet meer hoe Maura deze fase ervaart. Ze heeft haar leven anders ingericht en luistert beter naar haar lichaam. “Als ik het moet samenvatten, heeft deze fase me meer rust, meer zelfinzicht en meer ruimte gebracht.”
Veel vrouwen ervaren tijdens de overgang klachten zoals opvliegers, slecht slapen, vermoeidheid of stemmingswisselingen. Dat kan veel invloed hebben op je dagelijks leven. Kleine aanpassingen in rust, beweging, voeding en herstel kunnen helpen, maar blijf niet te lang alleen rondlopen met klachten. Bespreek ze met je huisarts of een overgangsdeskundige als ze je leven beïnvloeden.
Misschien herken je klachten uit dit verhaal. Vraag je je af of jij ook in de overgang zit? De menopauzetest kan je helpen om daar meer inzicht in te krijgen.



