Het zweet droop van alle kanten van haar gezicht. Ze wilde de situatie niet nog erger maken en bleef daarom muisstil zitten totdat de opvlieger voorbij was en ze kon gaan douchen. Ik zag het gebeuren. Het was gewoon niet te doen.
Diezelfde vriendin had naast deze opvliegers ook nog eens last van ‘verstandsverbijstering’, zoals ze dat noemde. “Ik kan gewoon niet meer nadenken,” zei ze. “Ik moet op mijn werk teksten soms tien keer lezen en dan nog weet ik niet wat er staat.”
Zelf herken ik deze klachten niet, maar ik krijg er wel op een andere manier van langs: slecht slapen, een kort lontje en minder zin in seks. Ook geen pretje. Als je overgangsklachten zou moeten indelen in licht, medium en zwaar, dan zit ik in de categorie medium en die vriendin absoluut in zwaar.
Mijn zus daarentegen snapt helemaal niet waarom iedereen er zo’n ‘gedoe’ van maakt. Die zou niet eens in de categorie licht terechtkomen. Hoe komt het toch dat de verschillen zo groot zijn?




