Laatst bijgewerkt op: 

Welke hormonen spelen een rol tijdens de overgang? We leggen het uit.

Leestijd: ca. 9 minuten
Laatst bijgewerkt op: 
Redactie SeeMe-nopause
Auteur:Redactie SeeMe-nopause
Erianys Osepa
Medisch beoordeeld door:Erianys Osepa
A smiling blonde woman sitting on a light-colored sofa wearing a white shirt and brown cardigan, with decorative dried flowers in the background.

Inhoudsopgave

In de overgang neemt de productie van de geslachtshormonen oestrogeen, progesteron en testosteron af. Maar ook andere hormonen die je welzijn op verschillende manieren beïnvloeden zijn tijdens deze fase in je leven belangrijk, zoals cortisol, melatonine en insuline. Ze spelen bijvoorbeeld een rol bij je slaapkwaliteit, stemming en gewicht. Hoe gedragen deze hormonen zich in de overgang?

Niet alleen oestrogeen verandert tijdens de overgang, maar ook hormonen als cortisol en melatonine. Daarom zijn de klachten vaak breder dan je verwacht.
Dr. Erik Knauffgynaecoloog

Hoe zit het met de geslachtshormonen?

De geslachtshormonen testosteron, oestrogeen en progesteron werken nauw samen om verschillende processen in het lichaam goed te laten verlopen. Een goed evenwicht tussen de hormonen is daarbij belangrijk.

  • Oestrogeen is onder andere verantwoordelijk voor het reguleren van de menstruatiecyclus en bevordert de gezondheid van de botten.
  • Progesteron bereidt onder andere de baarmoeder voor op een mogelijke zwangerschap en heeft een kalmerend effect op het zenuwstelsel.
  • Testosteron helpt bijvoorbeeld bij het behoud van spiermassa en speelt een rol in hoe energiek je je voelt.

Dit zijn slechts enkele voorbeelden, want deze hormonen vervullen tal van andere belangrijke functies in het vrouwelijk lichaam. Tijdens de overgang nemen deze hormonen (met verschillende snelheden en in wisselende mate) af. Door deze schommelingen in de hormoonhuishouding krijgt 80% van de vrouwen te maken met overgangsklachten, zoals opvliegers of gewrichtspijn.

Lees meer over de rol van de belangrijkste hormonen: oestrogeen, progesteron en testosteron.

Hoe zit dat met FSH en LH?

Naast de bovengenoemde geslachtshormonen beïnvloeden andere hormonen je welzijn, ook in de overgang. Allereerst LH (luteïniserend hormoon) en FSH (follikelstimulerend hormoon); hormonen die verantwoordelijk zijn voor de rijping van de eicellen en de eisprong

Hoe meer de laatste menstruatie nadert (gemiddeld heeft een vrouw deze op haar 51e), hoe minder eicellen er worden aangemaakt. Dit leidt tot een lagere productie van oestrogenen en progesteron. Je hersenen proberen daarentegen wel de eierstokken te stimuleren door LH en FSH te verhogen. Een toename van deze twee hormonen kan erop wijzen dat je laatste menstruatie (de menopauze) eraan zit te komen. Je merkt dit doordat je menstruaties onregelmatiger worden.

Wat kan je helpen?

Hoewel de afname van eicellen en daarmee van geslachtshormonen een natuurlijk proces is, kan het wel gepaard gaan met klachten. Dat maakt het extra belangrijk om in deze fase van je leven goed op je gezondheid te letten; een gezonde leefstijl kan overgangsklachten verminderen. Wat kun je doen?

  • Kies voor voeding die rijk is aan eiwitten, gezonde vetten en langzame koolhydraten.
  • Overweeg supplementen als aanvulling.
  • Heb je veel last van overgangsklachten? Hormoontherapie kan een optie zijn.

Hoe zit dat met cortisol en adrenaline tijdens de overgang?

Cortisol en adrenaline, ook wel bekend als de stresshormonen helpen het lichaam om te gaan met stress. Beide hormonen worden in de bijnieren geproduceerd.

  • Cortisol helpt je lichaam om te gaan met chronische stress.
  • Adrenaline activeert een ‘vecht-of-vlucht'-reactie bij acute stress.

Je lichaam maakt ’s ochtends de meeste cortisol aan. Dat zorgt ervoor dat je wakker wordt en alert aan je dag begint. Later op de dag daalt de hoeveelheid cortisol. Daardoor krijgt melatonine de ruimte om zijn werk te doen en val je ’s avonds makkelijker in slaap.

In de overgang kunnen schommelingen in oestrogeen deze stressreactie verstoren, wat kan leiden tot verhoogde cortisolspiegels. Dat kan al bestaande klachten verergeren of juist triggeren. Zo kan het je slaap (verder) verstoren (waardoor je moeilijk in slaap komt of ‘s nachts vaak wakker ligt), effect hebben op je stemming en zelfs op je gewicht.

Na de menopauze nemen de bijnieren de productie van kleine hoeveelheden oestrogeen en progesteron over. Maar als je langdurig veel stress hebt, produceren de bijnieren cortisol om je lichaam te helpen om met de stress om te gaan. En dat heeft invloed op de aanmaak van progesteron en oestrogeen. Dit kan het hormonale evenwicht in de postmenopauze verstoren.

Wat kan je helpen?

Om je cortisolniveau in evenwicht te houden, is stressmanagement essentieel. Wat kun je doen?

  • Geef prioriteit aan een goede nachtrust.
  • Beweeg elke dag minstens 30 minuten, liefst buitenshuis.
  • Probeer mindfulness, meditatie of andere ontspanningstechnieken.
  • Minder met cafeïne en suiker (beide kunnen het cortisolniveau verhogen).
  • Houd een vast dagritme aan door op vaste tijden op te staan en naar bed te gaan, waar mogelijk ook in het weekend.

Lees meer: Zo beïnvloedt stress jouw overgang (en hoe je daarmee omgaat)

Hoe zit dat met melatonine en de overgang?

Melatonine wordt ook wel het slaaphormoon genoemd. Het wordt in de hersenen aangemaakt en reguleert het slaap-waakritme. Als je lichaam melatonine aanmaakt, voel je je moe. Tijdens de overgang hebben veel vrouwen last van slaapproblemen. Je komt moeilijk in slaap en/of wordt ’s nachts vaak wakker. Eén van de oorzaken is een verminderde productie van melatonine.

Melatonine wordt gevormd uit serotonine, maar door de daling van oestrogeen tijdens de overgang, daalt ook het serotonineniveau. Het gevolg? Een verminderde melatonineproductie. Tegelijkertijd ben je in deze fase gevoeliger voor stress (zie de uitleg hierboven) en een hoog cortisolniveau in de avond, remt de aanmaak van melatonine.

Wat kan je helpen?

  • Genoeg ontspanning in de avond (maar ook gedurende de dag) verlaagt je cortisolniveau en stimuleert de aanmaak van melatonine. Wat dat zoal inhoudt? Lees een boek, doe rustgevende yoga of maak een avondwandeling.
  • De aanmaak van melatonine wordt beïnvloed door licht. Dim dus de lichten in de avond, zowel de felle lampen als het licht van beeldschermen. Zo krijgen je hersenen het signaal dat het tijd is om te slapen.

Hoe zit dat met insuline tijdens de overgang?

Het hormoon insuline wordt in de alvleesklier geproduceerd en zorgt ervoor dat glucose uit het bloed wordt opgenomen om als energie te worden gebruikt.

Tijdens de overgang kan de afname van oestrogeen invloed hebben op de insulinehuishouding. De insulinegevoeligheid van de cellen kan afnemen, wat het risico op insulineresistentie (en daarmee een verhoogde bloedsuikerspiegel) verhoogt. Dat kan o.a. leiden tot vermoeidheid, gewichtstoename en een verhoogd risico op diabetes type 2.

Wat kan je helpen?

Het stabiliseren van je bloedsuikerspiegel kan helpen om klachten van de insulinehuishouding te verminderen. Wat je kunt proberen:

  • Eet eiwitrijk en beperk je inname van (snelle) koolhydraten. Meer eiwitten en minder koolhydraten bevorderen de spieropbouw en zorgen voor een verzadigd gevoel.
  • Beweeg regelmatig om de opname van glucose in de cellen en de insulinegevoeligheid te verbeteren.

Lees verder: Wat zijn de signalen van insulineresistentie en wat kun je eraan doen?

Lees meer over behandelingen bij overgangsklachten

Hormonen spelen tijdens de overgang een grote rol in hoe je je voelt. Heb je veel last van opvliegers, slecht slapen of stemmingswisselingen?

Er zijn verschillende manieren om je hormonen beter in balans te brengen. Van leefstijlaanpassingen tot medische behandelingen onder begeleiding van artsen.

Hoe zit dat met de schildklierhormonen?

De schildklier produceert onder andere de hormonen tri-jodothyronine (afgekort tot T3) en thyroxine (afgekort tot T4). Deze hormonen spelen een belangrijke rol bij de stofwisseling, het energieniveau, de temperatuurregulatie en haargroei. T4 is inactief en moet in het lichaam worden omgezet in het actieve T3.

Progesteron speelt een sleutelrol in dit proces. Wanneer de progesteronspiegel tijdens de overgang daalt, kan dit de productie van T3 verminderen. Dat kan klachten van een trage schildklier veroorzaken (denk aan vermoeidheid, gewichtstoename, haarverlies en een droge huid).

Bovendien zijn vrouwen tijdens de perimenopauze vaak oestrogeendominant, doordat progesteron sneller afneemt dan oestrogeen. Dit kan de schildklierfunctie verder beïnvloeden, omdat een verhoogd oestrogeenniveau de omzetting van T4 naar T3 remt. Schildklierproblemen komen daarom vaker voor bij vrouwen in de overgang.

Wat kan je helpen?

Allereerst: vermoed je dat je schildklierproblemen hebt? Dit kun je laten meten via een bloedtest. Vraag de huisarts om een test. Wat verder kan helpen:

  • Eet een dieet dat rijk is aan jodium (zeewier en vis), selenium (paranoten) en zink (noten en zaden)
  • Verminder stress, de aanmaak van cortisol kan de schildklierhormonen verder verstoren.
  • Vermijd hormoon verstorende stoffen, zoals xeno-oestrogenen. Hierdoor wordt het oestrogeenniveau kunstmatig verhoogd, wat bijdraagt aan oestrogeendominantie en een verminderde werking van de schildklier.

Hoe zit dat met leptine en ghreline?

Leptine en ghreline reguleren je hongergevoel. Leptine wordt in de vetcellen geproduceerd en regelt het verzadigingsgevoel. Ghreline (ook wel het hongerhormoon) stimuleert de eetlust en wordt vooral uitgescheiden door de maagwand en de hypothalamus.

Tijdens de overgang kunnen hormonale veranderingen dit evenwicht verstoren, waardoor je meer honger hebt en minder snel vol zit. Ook insulineresistentie draagt bij aan leptineresistentie. Het gevolg? Je komt (ineens) gemakkelijk aan.

Wat kan je helpen?

Met name je dieet

  • Eet onbewerkte producten, rijk aan eiwitten, gezonde vetten en vezels. Dat stimuleert een gezond evenwicht tussen leptine en ghreline.
  • Zorg voor een goede nachtrust. Slaapgebrek verhoogt de ghrelineproductie en verlaagt het leptineniveau.
  • Houd een vast dag- en nachtritme aan. Dat reguleert de hormonen cortisol en melatonine beter, wat je helpt beter te slapen.

Hoe zit dat met neurotransmitters (serotonine en dopamine)?

Serotonine (dat wordt geproduceerd in neuronen in de hersenen, darmen en bloedvaten) beïnvloedt je stemming, slaap en eetlust. Dopamine (dat ook in de hersenen en darmen wordt geproduceerd, en in mindere mate in de bijnieren) is betrokken bij je gevoel van motivatie en beloning.

Door de afname van oestrogeen tijdens de overgang kunnen de niveaus van deze neurotransmitters dalen, wat invloed kan hebben op je humeur en energie. Je voelt je misschien somber, hebt stemmingswisselingen of hebt weinig energie. Serotonine is bovendien een voorloper van melatonine. Een lagere serotonineproductie kan dus ook leiden tot slaapproblemen.

Wat kan je helpen?

Wat helpt om de afgifte van serotonine en dopamine te bevorderen?

  • Beweeg elke dag minstens 30 minuten (maar meer mag altijd!)
  • Eet voeding die rijk is aan tryptofaan (zoals bananen, kalkoen, zaden) en tyrosine (zoals noten, zaden, vis en eieren) en omega-3-vetzuren.
  • Zorg goed voor je darmen. Een gevarieerd eetpatroon en voldoende ontspanning dragen bij aan een betere spijsvertering en darmgezondheid.
Persoonlijke menopauzezorg, begeleid door artsen

Verlicht je overgangsklachten

Vul een online medische vragenlijst in en ontvang een persoonlijk productadvies van een arts, afgestemd op jouw situatie, voorkeur en gezondheid.  

Of

FAQ

Kan hormoontherapie bij overgangsklachten helpen?
Welke hormonale klachten kunnen in de overgang optreden?
Welke supplementen kunnen helpen bij overgangsklachten?